WOONPLANT VAN DE MAAND AUGUSTUS

Vleesetende planten
 

Grillig om te zien, aparte vormen én een goed verhaal: vleesetende planten lokken met hun kleurrijke en grillige uiterlijk spinnetjes en insecten. Vervolgens vangen en verteren ze deze beestjes om aan hun voeding te komen.

De bekendste Vleesetende planten zijn venusvliegenvanger (Dionaea muscipula), Sarracenia, zonnedauw (Drosera) en bekerplant (Nepenthes). Hun jachttechnieken verschillen per plant. Venusvliegenvanger gebruikt vangbladeren, die razendsnel dichtslaan. Bij zonnedauw blijft de prooi kleven aan de bladeren met tentakels. Ook ingenieus: de bladeren van Sarracenia hebben een bekervorm waarin insecten gevangen worden. Nepenthes gebruikt eveneens bekers, die hangen aan de bladuiteinden. 

Verzorgingstips 

  • De meeste vleesetende planten houden van volle zon.
  • Boots een moerasomgeving na: de planten gedijen in zure, vochtige potgrond
  • Vleesetende planten drinken het liefst regenwater, gedestilleerd water of zacht kraanwater. Woon je in een streek met hard water: koken, laten afkoelen, klaar. 
  • Plantenvoeding hoeven ze niet, ze vangen hun eigen eten.
  • Haal dode bruine blaadjes en kelken weg, om schimmels te voorkomen.
  • Verpot de vleeseters om het jaar, in het voorjaar.
  • Geef vleesetende planten geen stukjes vlees, hier gaan de vallen van rotten.
  • In de winter verdorren de vallen van de plant. Geen paniek, in de lente verschijnen ze weer.